
Frans Derksen over biologische teelt, bodemleven en vergeten groenten
Joop Helmink
Met de lente in aantocht komt ook de volkstuin weer volop tot leven. Aan het Voorbroek, in het buitengebied van de Gaanderse Hei, werkt Frans Derksen uit Terborg al decennialang met hart en ziel in zijn volkstuin. Voor hem is tuinieren geen hobby, maar een manier van leven en een directe bron van gezonde, pure voeding. Zijn tuin laat zien dat goede voeding begint bij een gezonde bodem.
Volgens Frans begint dat al in de winter. De bodem zoveel mogelijk bedekt laten is daarbij belangrijk. Door de tuin in de winter niet ‘schoon’ te maken, maar blad, plantenresten en bodembedekkers te laten liggen, vinden de insecten er een schuilplaats, het bodemleven blijft actief en uitdroging en verharding van de grond wordt tegengegaan.
Biologisch als bewuste keuze
Frans tuiniert volledig biologisch. Hij gebruikt geen chemische meststoffen en geen kunstmatige voedingsmiddelen. Zijn aanpak is gericht op het opbouwen van een gezonde, levende bodem, waarin wormen, schimmels en micro-organismen een belangrijke rol spelen. Volgens Frans proef je dat direct terug in de kwaliteit van de groenten.
Biologisch werken vraagt om geduld en aandacht. Het betekent ook dat je meer moet kijken, voelen en bijsturen. Experimenteren hoort daarbij. Soms pakt een teelt uitstekend uit, soms valt een oogst tegen. Voor Frans is dat geen reden om het anders te doen. Elke ervaring levert nieuwe kennis op, die hij het volgende seizoen weer meeneemt.
Bodem centraal: werken met de woelvork
Waar veel tuinders nog steeds spitten, kiest Frans bewust voor een andere methode. Hij gebruikt een woelvork om de grond los te maken en te beluchten. Daarmee blijft de natuurlijke bodemstructuur intact en worden de verschillende bodemlagen niet door elkaar gehaald.
Deze manier van werken is niet alleen beter voor het bodemleven, maar ook rug vriendelijker. De grond blijft luchtig, water kan beter worden opgenomen en wortels krijgen meer ruimte.
Vergeten groenten terug op tafel
Op de tuin van Frans groeien niet alleen de bekende soorten. Hij heeft bijzondere belangstelling voor zogeheten vergeten groenten, die perfect passen bij het lentethema voeding.
Palmkool is daarvan een mooi voorbeeld. Deze koolsoort werd al door de Romeinen naar deze streken gebracht, maar raakte later in de vergetelheid. Tegenwoordig wordt palmkool weer herontdekt vanwege zijn stevige structuur, rijke smaak en voedingswaarde.
Ook pastinaak en wortelpeterselie hebben bij Frans een vaste plek. Het zijn groenten die vroeger heel gewoon waren in de Nederlandse keuken, maar die later naar de achtergrond verdwenen. Mits goed bereid, zijn ze verrassend veelzijdig. Steeltjes, wie kent ze niet, horen daar volgens Frans onlosmakelijk bij. Zoals hij het zelf zegt:
“Wat vrogger heel gewoon was, is now weer gold weerd.”

Vergeten groenten – met korte kooktips
Oud, maar verrassend modern.
Steeds meer tuinders en koks herontdekken vergeten groenten. Ze zijn vaak smaakvol, voedzaam en passen perfect in een seizoenskeuken.
Palmkool
Tip: roerbak met knoflook en olijfolie
Lekker in pasta, stamppot of als chips uit de oven
Pastinaak
Tip: snijd in frietjes en rooster in de oven
Ook heerlijk in soep of als puree
Wortelpeterselie
Tip: combineer met wortel en ui in stoofgerechten
Geeft extra diepte aan bouillon en soepen
Steeltjes
Tip: kort koken of wokken met ei en nootmuskaat
Klassiek als stamppot of door een voorjaarsomelet
