Lads’n Lassies

  Een Ierse “Folk band” met wortels in de Gaanderse Hei.

Joop Helmink

Vertaald uit het Iers naar gewoon Nederlands “Jongens en meiden” is precies waar deze originele band uit bestaat: 4 jongens en 2 meiden. De band brengt voornamelijk akoestische, meerstemmige, Ierse en Schotse folk ten gehore, waar de traditionele Ierse en Schotse klanken de boventoon voeren. Het unieke van de optredens van Lads’n Lassies is dat door de inbreng van de professionele achtergrond van Anne-Marie, het  altijd een grote verrassing wordt. Er is een duidelijk verhaal herkenbaar, door de muzikale inspiratie van de overige bandleden ontstaat altijd een herkenbare sound. De verrassend uitgevoerde eigen arrangementen zorgen voor een “wow” effect.

Gaanderse Hei

De basis van de band wordt gevormd door Anne-Marie Weber-Leuverink, getrouwd met Chris Weber, afkomstig uit de Gaanderse Hei. Anne-Marie is geboren en getogen in de Hei. De tweede voedingsbodem voor de band is A-Theatraal Producties, waarbij de bandleden Anne-Marie, Chris Weber, Patrick te Dorsthorst en Tim Huntink elkaar hebben leren kennen bij MPG (Musical Producties Gaanderen) waar ze hun muzikale sporen hebben nagelaten. Frank Sessink en Annemieke van Doesburg, (deze laatste overigens met wortels in de Slangenburg en geboren in IJzevoorde) maken met Frank zijn gitaar en Annemieke met het unieke specifieke geluid van de doedelzak het plaatje voor de band Lads’n Lassies compleet.

Ontstaan van Lads’n lassies

In 2015 kwam de vraag van Paddy’s, (het bekende Ierse restaurant in Doetinchem) om een Dinnershow muzikaal te omlijsten. Het inspireerde deze groep enthousiastelingen om Ierse en Schotse liederen ten gehore te brengen. De sfeer en de emotie van deze Folkmuziek liet hen niet meer los maar zeker ook het succes van hun optreden was aanleiding om de band op te richten.

Ierse en Schotse Folk muziek

De uitvoering van het bekende Fields of Athenry, dat het verhaal vertelt over de onderdrukking van de Ierse bevolking, is een goed voorbeeld hoe Lads’n lassies deze muziek interpreteert. De meerstemmige gemengde zang met Anne-Marie en Chris in de hoofdrol geeft een extra emotionele lading. De Doedelzak of Ulleanpipes heeft een hoofdrol in de muziek van de Ieren en de Schotten. Deze werd ingezet als wapen als ze ten strijde trokken tegen onderdrukkers. Deze Folk muziek is ook kenmerkend als sfeermaker bij een feestje en is in de Ierse pubs bepalend voor de sfeer.

Successtory Lads’n Lassies

De successtory van deze band krijgt een boost als ze in 2018 de publieksprijs winnen van “Amphion Open”,  het Talenten event van de Achterhoek. De vraag naar optredens van de band wordt groot en hun eerste cd ‘Good Folk” wordt uitgebracht.

Vanaf 2020 wordt Corona de grote spelbreker zoals voor de gehele artiestenwereld het geval is. Anno 2022 is de draad weer opgepakt en wordt gemiddeld 1 à 2 keer per maand opgetreden.

Er staan nog altijd dinershows bij Paddy’s  op het programma (eerstvolgende 29 september).

Dat de band veelzijdig is blijkt uit de verschillende podia waar hun optreden wordt georganiseerd. Zo is een Kerkentour ontstaan met optredens in kerken; als concert of als opluistering tijdens vieringen. Op 10 juli j.l. werd in de Martinuskerk in Gaanderen tijdens de inspiratieviering opgetreden, waar de emotionele waarde van de Ierse Folk werd gevoeld en beleefd.

Theatershows en kroegentochten zijn specialiteiten voor deze vriendenclub: sfeer en feestgedruis zijn onvermijdelijk van de partij tijdens hun optreden.

Deze talentvolle, inspirerende groep artiesten die in hun vrije tijd deze passie tot uiting brengt kan een gouden toekomst tegemoet zien.

www.ladsnlassies.nl


Muziek in en om de Slangenburg:

mens en dier doen hun best!

Hanneke van de Velde

Op een zondag zit ik te genieten op ons terras midden in de Slangenburg van het muzikale geluid van roepende spechten, een zanglijster die alle toonhoogtes raakt en het vrolijke geluid van de vinkjes die af en aan vliegen. Op de achtergrond de roep van de over het veld scherende buizerd die zich heerlijk op de wind laat dragen. Maar naast deze dagelijkse muzikale omlijsting door de vaste bewoners van het bos, zijn er nog diverse andere muziekactiviteiten te vinden op en om het landgoed.

Zomerconcert door de Westendorpse Fanfare

Door de klanken van het bos  heen klinken er ineens in de verte de geluiden van een fanfareorkest, dat vol overgave allerlei bekende liederen speelt. Nieuwsgierig ga ik op het geluid af en zoek naar waar dit vandaan komt. Bij kasteel Slangenburg aangekomen is daar een tafereel te zien en te horen dat op menig buitenfestival niet zou misstaan. Met het zonlicht door de bomen heen, op het gras bij de beek, staat de Westendorpse Fanfare in vol ornaat te spelen. Het kasteel als schilderachtig decor op de achtergrond. Luisteraars hebben hun eigen stoelen meegenomen, hangen over de brug of zitten op het gras en luisteren vol aandacht. Ook dit jaar is er weer het jaarlijkse zomerconcert van de Westendorpse Fanfare in de Slangenburg. Het prachtige weer en de mooie muziek maken deze zondagmorgen tot een bijzonder muzikaal moment op dit prachtige landgoed.

De traditie van het Oudjaarsconcert

Jaarlijks is het uitkijken naar het Oudjaarsconcert dat in de Slangenburg al vele jaren wordt georganiseerd. Mooie en bijzondere voorstellingen komen er voorbij met prachtige en verrassende muziek die onder meer in de sfeervolle Slangenburgse Kerk worden gehouden. De insteek van dit concert is dat er wordt opgetreden door iemand die is verbonden aan de streek, aan familie hier of die hier heeft gewoond. Ook dit jaar is er een prachtig concert in voorbereiding voor vrijdag 30 december a.s.

Hanke en haar medemuzikanten

Pianiste Hanke uit Halle

Aan het woord over dit Oudjaarsconcert is Hanke Scheffer, pianiste en van oorsprong komend uit Halle. Van jongs af aan had deze talentvolle pianiste al een liefde voor muziek. Op 9-jarige leeftijd startte ze met pianoles, nadat ze op de blokfluit al was uitgespeeld. Via de muziekschool in Doetinchem, de vooropleiding in Arnhem en de bachelor en master op het conservatorium in Zwolle is ze afgestudeerd in 2019 met als hoofdvak piano. Na de Coronaperiode is ze weer volop aan de slag op diverse terreinen; als pianodocente, maar ook als muzikante in diverse verbanden. In Arnhem maakt ze deel uit van een musicalgezelschap. Ze deed met haar pianoduo Rabbit & Haas mee aan het Orlandofestival in Limburg, het oudste festival in Nederland op het gebied van kamermuziek. Een aantal jaren geleden heeft ze al eens een Oudjaarsconcert verzorgd met het Odayin Trio.

Het Oudjaarsconcert van dit jaar

Dit jaar is ze weer gevraagd voor het Oudjaarsconcert. Ze doet dit in een andere samenstelling dan de vorige keer; met bariton Harmen Severiens en mezzosopraan Lieke Geraats – van Oostenbrugge. Het repertoire past in de mooie omgeving van Slangenburg en in het winters jaargetijde. Dus laat je verrassen met de prachtige muziek van deze jonge, talentvolle mensen in de Slangenburgse Kerk op 30 december!

Intussen roepen de groene spechten luid naar elkaar. Of deze klanken nu echt muzikaal zijn, daarover kun je discussiëren, maar ze horen bij alle geluiden in het bos. Ook de buizerd laat een lange klank horen om te laten merken dat hij er is. De wind laat de bladeren aan de bomen rustgevend ruisen.

Concerten in het Koetshuis en het Kasteel

Ook in het Koetshuis bij kasteel Slangenburg worden concerten gegeven. Een voorbeeld hiervan is een wandelconcert met muziek. Tijdens een zeven kilometer lange wandeling door de prachtige natuur, met als eindpunt de kasteeltuin. Zo zijn er meerdere van dit soort activiteiten gepland, die de sfeer van het Slangenburgse bos gebruiken om de muziek te omlijsten.

Sietse Strating achter het orgel in de Slangenburgkerk

Muziek in de Slangenburgse Kerk

Bij muziek in de kerk denk je meteen aan een orgel. Dat is in de Slangenburgse Kerk ook zeker het geval. Sietse Strating, organist in dit sfeervolle kerkje, vertelt daar enthousiast over. Hij omschrijft het orgel in de Slangenburgse Kerk als een goed begeleidingsinstrument zonder al te veel verdere pretenties en weet hiermee zeker de zang in de kerk op gang te krijgen. Zelf ervaart hij de sfeer in de kerk als huiselijk, gezellig en laagdrempelig. Hij ondersteunt dan ook met veel plezier drie keer in de maand de diensten in de kerk met zijn sfeervolle klanken.

Daarnaast is het volgens dominee Helma van Loon de bedoeling om in de toekomst ook andere muzikale activiteiten te organiseren in de kerk zoals bijvoorbeeld een zondaglunchconcert. Daarover wordt nog verder nagedacht maar gaat dit jaar zeker navolging krijgen.

Midwinterhoornwandeling in de sneeuw

Zelfs de imposante midwinterhoorn is vele jaren in de winterse bossen rondom het kasteel te vinden. Jarenlang heeft D’ Olde Roop op tweede Kerstdag een midwinterhoornwandeling door de Slangenburgse bossen georganiseerd waarbij het geluid van de hoorn door de bossen schalde. Met sneeuw erbij een Charles Dickens achtig tafereel waar jong en oud op afkwam.

Naast bovengenoemde initiatieven zijn er zeker nog andere die niet zijn genoemd en die ook een bijdrage leveren aan een sfeervol en luisterrijk landgoed Slangenburg. En anders leveren de vaste bewoners wel hun dagelijkse muzikale omlijsting in het rustieke bos.


Muziekles op school IJzevoorde

Tekst: Toos Lenderink

Foto’s: Rian Wesselink en Toos Lenderink

Basisschool IJzevoorde aan de Loordijk heeft als motto ‘Natuurlijk bewegen’. Dit is een onderwijsconcept waarbij beweging en onderwijs in de open lucht centraal staan. Ieder kind mag daarbij zichzelf zijn en in eigen tempo leren. Alle groepen krijgen wekelijks muziekles van hun eigen leerkracht. Voor groep 4 komt één keer per week muziekdocente Miranda Loff van het Amphion Cultuurbedrijf, afdeling muziekschool. Zij geeft dwarsfluitles en ook muziekles op meerdere basisscholen. Omdat school IJzevoorde combinatieklassen heeft, mogen ook leerlingen van groep 3 hieraan meedoen.

Het is vandaag mooi weer en een enthousiaste Miranda komt met emmers en materialen aangelopen. De les is buiten en we gaan vandaag muziek maken met water! Behalve aan het begin en eind van de les, als de kinderen in een kring zitten, zijn de leerlingen de hele les actief bezig.

Ze worden in vier groepjes verdeeld, die rouleren. Elke opdracht speelt zich buiten in het gras af. Miranda legt de verschillende opdrachten uit waarna een aantal kinderen de emmers met water gaan vullen: iedere groep heeft water nodig. Bij de eerste opdracht moet je met een stokje tegen een fles met water slaan. Hoe meer water in de fles, hoe lager het geluid. “Dit kan ook met een bierflesje”,  merkt één van de kinderen op.

Bij de tweede opdracht worden fluitjes met water gevuld. Op een schaalverdeling staat aangegeven hoeveel water noot A, B, C, D, E, F of G weergeeft. De opdracht hier is om via pictogrammen een wijsje te fluiten, elk op de eigen toonhoogte.

Voor een volgende opdracht worden jampotjes met water gevuld. Hierin een buisje dompelen en boven dit buisje blazen. Als je het buisje op en  neer haalt door het water, hoor je dat hoe hoger het buisje komt, hoe lager het geluid wordt.

Bij een andere opdracht wordt er een instrument gemaakt door aan een stuk tuinslang met trechter eraan, aan de andere kant het mondstuk van een trompet vast te maken. Als je door het mondstuk blaast komt er geluid uit. Kinderen blazen hier een ritme, zoals met pictogrammen wordt aangegeven. Appel is bijvoorbeeld 2 x keer kort, peer 1 x lang. De emmer water is hier nodig om de mondstukken schoon te spoelen.    

“Ik vind buiten veel leuker dan binnen”, hoor ik zeggen. Soms lijkt het meer om het vullen, gieten en knoeien met water te gaan dan om de muziek. Maar er lopen heus echte muzikanten tussen. De één blaast in zijn eentje een solo, anderen proberen er samen een mooi klankenspel van te maken. Spelenderwijs wordt er geoefend met de lengte van een toon en geluisterd naar de toonhoogte. Met soms een nat T-shirt wordt er een kakafonie aan klanken geproduceerd. Het plezier spat er net zo hard vanaf als de waterdruppels.  Aan het eind van de les vraagt Miranda of ze het leuk vonden en legt uit dat je thuis met flessen water ook een toonladder kan maken. “Je hebt dan wel veel flessen nodig”. “En water”, komt er als reactie.


BOMEN KIEK’N

in de Slangenburg

Tekst en foto’s: Karin Wensink

Bomen, de longen van onze aarde. Het bos, bij uitstek de plek om even tot rust te komen, om  even op een vrijdagmorgen vrij te ademen. En misschien … aj dan om ow hen kiekt en i’j ziet al dat moois, da’j dat dan op de foto wilt zetten, wat kiekjes wilt maken. En heel misschien kom i’j toevallig met een groepjen bi’j mekare dat dat ok wilt. En as d‘r dan ok nog een fotograaf bi’j is den een betjen uutleg gif, dan heb i’j ‘n hele mooie margen.  

Effe kiek’n

In de ochtend van vrijdag 10 juni kwamen we met een groepje amateurfotografen uit de nabije omgeving van Slangenburg op de parkeerplaats van het kasteel bij elkaar om samen bomen te gaon kiek’n. Er waren bekenden en onbekenden en er was koffie en thee met wat lekkers. Na een korte uitleg van fotograaf/kunstenaar Rob Chevallier gingen we op pad. “Hoe kijk jij naar een boom? Als solitair, in zijn samenhang, in de reflectie van het water, naar de robuuste details van de bast, de vreemd gevormde takken of een zonnestraal door het bladerdek?” Terwijl  sommigen vlot doorliepen om het allermooiste als eerste te zien en te fotograferen, stonden anderen stil bij de eerste de beste boom om daar al iets van waarde vast te leggen. Na een rondje van ongeveer anderhalf uur stonden onze camera’s vol met foto’s.

Van kieken naar kiezen

Je twee beste foto’s uitkiezen valt nog niet mee. Toch was dat onze opdracht. Rob verzamelde alle uitverkoren foto’s en maakte er een presentatie van. Op vrijdag 17 juni kwamen we weer bij elkaar, dit keer bij de familie Vreman aan de Nijmansweg, vlakbij Halle. Per fotograaf bespraken we onze keuzes en kozen welke foto door mocht naar de volgende ronde, die van het exposeren.  

Expositie, i’j kiekt ow ogen uut

Op 30 juni werd er door een aantal mensen van de groep en onder begeleiding van Rob Chevallier een expositie ingericht in het zondagsschoolgebouwtje aan de Goorstraat 8 te Doetinchem. Geheel in lijn met het thema is gekozen om de foto’s op hout te bevestigen. Met een beetje fantasie loop je de foto’s langs als door een bos. De expositie was te bekijken van 1 tot en met 29 juli.

Dit mooie en leerzame project kwam tot stand na initiatief van onze vaste Boode-fotograaf Annie Overveld. De organisatie lag in handen van Anita Erkelens, projectleider Lang Leve Kunst en Naoberschap bij Amphion Cultuurbedrijf.


Landgoedwinkel weg bij het kasteel

Toos Lenderink

In onze winter-Boode van 2021 berichtten wij u over de verbouwplannen van het koetshuis en de landgoedwinkel bij het kasteel. Inmiddels is de verbouwing klaar. Wij hebben veel vragen en Nol Verhoeven, voorzitter van de Vereniging Heerlijckheid Slangenburg (VHS), doet uitleg.

De verbouwing was toch bedoeld voor een multifunctionele toepassing van de ruimte met gebruik van Leader subsidie?

“Ja, de LEADER subsidie à € 120.000,- is toegekend omdat de lokale economie, recreatie en toerisme worden versterkt. Met de verbouwing van het koetshuis is een bezoekerscentrum Kasteel Slangenburg gecreëerd, dat toegankelijk is voor iedereen en over een goed toegeruste keuken beschikt, wat gunstig is voor de horeca in het koetshuis. Door het nieuwe plafond kan ook de landgoedwinkel het gehele jaar open blijven. Voor het plafond in de landgoedwinkel heeft Vereniging Heerlijckheid Slangenburg (VHS) een bijdrage van € 15.000,00 ontvangen van de Rabobank.”

Waarom is de landgoedwinkel (LGW) dan niet in het nieuwe bezoekerscentrum gekomen?

“Medio 2021 diende de Stichting Gasthuis Koetshuis Slangenburg (SGKS), in samenspraak met de eigenaar, Stichting Monumenten Bezit (SMB), en VHS, de formele aanvraag voor de LEADER Subsidie bij de Provincie Gelderland in. Ook verkreeg Kasteel Slangenburg, mede dankzij de VHS, een prominente plek in de Koersnotitie vrijetijdseconomie 2020-2030.

Hierna verliep de communicatie tussen SGKS en VHS minder goed. Ook zorgde Covid19 voor meer afstand. Ondanks een goed gesprek tussen het bestuur van SGKS en VHS in januari 2022 over de nieuwe huurovereenkomst, volgde een lange periode met moeizaam overleg. De verbouwing van het bezoekerscentrum was intussen al gestart.

Op 14 april ontving VHS een vijf A4tjes tellende huurovereenkomst, met zeventien bladzijden algemene bepalingen. Deze algemene bepalingen bevatten onderdelen die niet zijn besproken. Zo werden de risico’s voor de verhuurder (SGKS) afgedekt, maar die voor de huurder (VHS) werden niet meegenomen. Ook gaf de huurovereenkomst de verhuurder (SGKS) de mogelijkheid om de huurovereenkomst per maand op te zeggen, terwijl VHS zou moeten investeren in de winkelinrichting, verlichting, etc.. In de huurovereenkomst en de algemene bepalingen stonden meerdere punten die aanpassingen, aanscherpingen of verduidelijking behoefden, of die met elkaar in tegenspraak waren. En de verhuurder wil haar mening (als één van de 38 leden van de VHS) afdwingen, door deze in de huurovereenkomst op te nemen.  

Op de ledenvergadering van 19 april jongstleden werd daarom door de leden uitgesproken dat het vertrouwen verdwenen was. Daarop beëindigde de VHS de huurovereenkomst, waarmee we ons ook terugtrokken uit het Bezoekerscentrum Kasteel Slangenburg. Momenteel is de landgoedwinkel dus dakloos.” 

Is die Leader subsidie dan nog wel uitgekeerd?

“De LEADER-subsidie wordt alsnog toegekend en uitgekeerd, aangezien de SGKS de aanvraag heeft aangepast en de adviesgroep van LEADER deze aanpassing van de aanvraag heeft goedgekeurd.

De toegezegde €15.000 door het Coöperatiefonds Rabobank Graafschap is niet uitbetaald, aangezien deze bestemd was voor de vestiging van VHS in het bezoekerscentrum. Door het terugtrekken van VHS is deze vervallen.”

Hoe gaat het nu verder met de Slangenburgse Nazomerdagen?

“De Slangenburgse Nazomerdagen gaan in 2022 niet door, mede doordat een deel van de werkgroep stopt.”

Hoe zie jij de toekomst van de Heerlijckheid Slangenburgh?

“De leden en vrijwilligers willen absoluut doorgaan. Ze streven naar een permanente plek voor de landgoedwinkel, om opnieuw in te investeren.”

Wat heeft dit allemaal na zoveel jaar inzet persoonlijk voor jou betekend?

“Met de bouw van het bezoekerscentrum Kasteel Slangenburg wordt Slangenburg nog meer van de inwoners van Doetinchem en van de Achterhoek. Dat is een goede zaak. Als inwoner en ambassadeur van Slangenburg en voorzitter van de VHS vind ik het echter bijzonder spijtig dat het niet gelukt is om een plek te krijgen in het bezoekerscentrum.

Als VHS gaan we nu op zoek naar een nieuwe plek voor de landgoedwinkel en de Vereniging Heerlijckheid Slangenburgh. De leden en vrijwilligers, die daar positief in staan, denken daar in mee. Ik ben vol vertrouwen dat daar weer iets heel moois uit gaat komen!”


Wonen in een Pipowagen

Karin Wensink

Een jaar geleden trof ik Isabelle van Kooten. Het was stralend weer en ze stond in haar korte broek en hemdje, ergens verscholen op het terrein van haar ouders, een pipowagen te schilderen. Ze vertelde dat ze hem aan het opknappen was om er daarna in te gaan wonen. 

Hoe komt een mooie jonge vrouw als jij er toe om in een pipowagen te gaan wonen? En mag ik je huisje zo noemen?

“Zeker mag je het een pipowagen noemen, maar zelf noem ik het liever een Tiny House. Ik woonde in de stad en was al een tijdje geïnteresseerd in wonen in een Tiny House, duurzaam met zonnepanelen en zo. Ik had me georiënteerd op de mogelijkheden en uitgezocht hoe het financieel en met de vergunningen zat. Ik was enthousiast maar het plan leek op dat moment voor mij niet haalbaar. Ik ging door een heftige periode en woonde tijdelijk weer bij mijn ouders. Ik legde het plan naast me neer, maar wist wel zeker dat ik niet meer terug wilde naar de stad.”

Vlak daarna vertelde een buurman dat de pipowagen bij Zorgvilla de Ooijman te koop was. “Ik kende die wagen wel uit de tijd dat mijn opa in de villa woonde. Samen met mijn moeder ben ik er heen gegaan. We hebben gewoon aangebeld en konden de wagen, die nadat hij leeg kwam dienst deed als directiekantoor, bekijken. Er moest wel het nodige aan gebeuren, de badkamer was bijvoorbeeld niet meer in gebruik. Maar wat we zagen voelde goed. Het klopte gewoon. Binnen twee weken hebben we hem met de trekker opgehaald. Dat was nog een hele optocht. Mijn broertje reed voorop om het verkeer in de gaten te houden.”

Isabelle heeft de wagen helemaal schoon gemaakt, geschuurd en opnieuw geschilderd. Ook de nieuwe keuken en badkamer heeft ze zelf met enige hulp geplaatst. Het is een knusse plek geworden. Een plek met alles wat je nodig hebt binnen handbereik. Buiten zijn de eerste plantjes gepoot. “Je hebt niet zoveel ruimte nodig om gelukkig te zijn!”, lacht Isabelle. “En je wilt niet weten hoe heilzaam ontspullen kan zijn.”

Wat betekent wonen en inmiddels ook werken in de Slangenburg voor jou?

“De Slangenburg heeft voor mij altijd als thuis gevoeld. Ik ben er opgegroeid, naar school gegaan en heb een fijne jeugd gehad. En het is hier ZO MOOI!! Ik heb dat 20-25 jaar niet echt beseft, maar het is gewoon niet normaal zo mooi als het hier is. En de RUST! Die heb ik echt nodig, merk ik. Het is echt super om hier in deze mooie omgeving, vlak bij mijn familie, bij mijn nichtje en neefje ook, een eigen plek te hebben. Elke morgen als ik opsta, kijk ik uit het raam en geniet van de omgeving. En sinds kort heb ik hier ook een paar dieren lopen. Dat is extra genieten.”

“Het is bijzonder hoe snel je leven kan veranderen. Als ik het vergelijk met een jaar geleden, dan heb ik zoveel geleerd. Ik heb zin in het leven en in de toekomst. Ik heb mijn baan opgezegd en ben mijn bedrijf aan het vormgeven. Ik wil vrouwen coachen die hetzelfde meemaken als ik heb meegemaakt en proberen vanuit mijn eigen ervaring hen te stimuleren hun leven weer op de rit te krijgen. Binnenkort gaat mijn website de lucht in.”

“Zorg goed voor jezelf en zorg dat je wat goeds nalaat in de wereld door je talenten en ervaringen in te zetten.”

Mooie wijze woorden tot besluit van deze zelfbewuste vrouw.


Derk Jan Lievers

Derk Jan Lievers; van gitaar “prutser” tot gitaarbouwer

Karin Wensink

Het is een mooie zomeravond in juli. In zijn tuin in hartje IJzevoorde spreek ik met Jan Lievers over zijn liefde voor muziek en vooral over zijn gitaren. Sinds hij op 62-jarige leeftijd het onderwijs achter zich liet, leeft hij fulltime voor de muziek en is vaak vijf dagen per week bezig met gitaren maken en alles wat daarmee samenhangt.

Hoe het begon

Begin jaren ’70 werkte Jan, hij was een jaar of 15-16, samen met een vriend in een muziekzaak in Dinxperlo. In die tijd, toen hij nog niet eens gitaar speelde, prutste hij al wat aan gitaartjes. Nieuwe lak, nieuwe mechaniekjes, nieuwe snaren erop. Hij had lol om van iets ouds weer wat moois te maken. Later is hij met diezelfde vriend een muziekzaak begonnen in Doetinchem. In 1985 werd zoon Rik geboren en stapte Jan uit de zaak om huisvader te worden.

Onderwijs

Jan had in zijn schoolperiode de PABO afgerond, maar het basisonderwijs was niet zijn ding. Na een studie economie kwam hij als leraar in het volwassenenonderwijs terecht en gaf onder andere les op verschillende moedermavo’s. Na een aantal jaren maakte hij de overstap naar het middelbaar onderwijs, waar hij pubers de economische principes probeerde bij te brengen.

De taal van muziek

De muziek, en met name de gitarenwereld, bleef kriebelen. Jan had zich het gitaarspelen eigen gemaakt en speelde ook in bands. In 2009 maakte hij een rondreis door China. China was op dat moment booming business en Jan wilde de sfeer proeven van het economisch klimaat daar, met name op het gebied van gitarenbouw. In de periode 2009 tot en met 2012 bezocht hij één à twee keer per jaar beurzen in China. Op één van die reizen ontmoette hij gitarenbouwer Wu. Wu was een werkman, iemand die met eigen handen een gitaar in elkaar zet. Wu wilde graag voor zichzelf beginnen. Derk Jan en Wu vonden elkaar en richtten samen het bedrijf Dejawu Guitars op.

DeJaWu Guitars

Binnen DeJaWu is Jan de creatieve geest die de ontwerpen maakt. Wu doet het hout- en lakwerk en Jan maakt de gitaren af. De naam DeJaWu komt van de eerste letters van De(rk), Ja(n) en Wu maar heeft gevoelsmatig (klinkt als Déjà vu) nog een diepere betekenis. Déjà vu: dat verrassingsgevoel van “Hé, heb ik dat niet eerder gezien?” en “Het is uniek en ergens ook herkenbaar…” De gitaren worden namelijk volgens de aloude principes van de vroegere violenbouwers gebouwd. Er wordt massief hout gebruikt en alleen met handmachines gewerkt. Echtgenote Bea is ook betrokken. Ze is de drijvende kracht achter de schermen en ook dochter Martine deelt de passie van haar vader. “Haar studie Chinees komt ons goed van pas”, vertelt Jan “en ze is erg handig met het online-gebeuren.”

Unieke projecten

In samenspraak met opdrachtgevers krijgt elke gitaar een eigen uitstraling. Met een twinkeling in zijn ogen laat Jan me het mooie natuurlijke lijnenspel zien van het gebruikte esdoornhout. “Samen met Bennie Jolink maakte ik een gitaar in de vorm van een schilderspalet. Toen de kast klaar was schilderde Bennie er zelf het palet op en ik maakte daarna de gitaar verder af.”

“En…. er zit nog een heel mooi project in het vat. Iets met heel oud hout. Ik kan daar nog niet zoveel over zeggen maar hoop dat we er in het najaar mee aan de slag kunnen. Dus hou ons in de gaten!”

Jan, qua leeftijd richting de zeventig, blijft nog wel even doorgaan want zoals hij zegt:

“De muziekwereld is een bijzondere wereld, waarin leeftijd niet speelt.”


Vlinders in je buik (en in het bos)

Gert Jan van de “Brouwer”

Van muziek kun je ook vlinders in je buik krijgen: mooie muziek zorgt dat je je prettig voelt. Een zorgeloos fladderende vlinder in je tuin of in het bos geeft ook een goed gevoel.

We gaan deze keer in de tuin en het Slangenburgse bos op zoek naar dagvlinders. Op een bloeiende vlinderstruik in je tuin komen gegarandeerd veel vlinders af om nectar te snoepen. Maar ook in het bos komen bijzondere vlinders voor. Om de vlinders op naam te brengen helpt de vlinderkaart op de site van De Vlinderstichting. Het is elk jaar weer een verrassing waar en wanneer de vlinders tevoorschijn komen. Sommige vlinders overwinteren op een beschut plekje, zoals de dagpauwoog, andere komen na de winter uit eitjes of poppen. En er zijn zelfs trekvlinders die in het voorjaar met een zuidenwind naar Nederland komen uit warmere streken, zoals de atalanta en de distelvlinder.

koevinkje

Elke vlinder heeft een eigen waardplant, dat is de plant waarop hij eitjes legt en waarvan de rupsen zich voeden met de blaadjes. Als de rups groot genoeg is, gaat hij verpoppen. Dit doet hij op een rustige plaats in een plant of in de strooisellaag. Een beetje ruigte helpt de pop overleven. In natuurgrasland laat men bij maaien vaak een strook gras staan voor de vlinders en andere insecten. Vlinders snoepen nectar van alle soorten bloemen en zoeken ondertussen naar een partner. In de natuurweilanden van de Slangenburg staan in het voorjaar pinksterbloemen en langs de bospaden staat dan de naar uien ruikende look-zonder-look. Beide planten zijn de waardplant van het oranjetipje. Het witte vrouwtje legt maar één eitje op elke plant. De waardplant van de gele citroenvlinder is het sporkehout (vuilboom). Ook de citroenvlinder vliegt al vroeg in het voorjaar. Op de kamperfoelie legt de kleine ijsvogelvlinder zijn eitjes. In juni en juli is deze zwart witte vlinder rondom de Slangenburg te zien. De brandnetel is een fantastische waardplant voor veel vlinders. Soms zie je een groot aantal bijna zwarte rupsen bij elkaar op de brandnetels zitten. Krijgen ze de kans om zich te verpoppen dan komt hier de mooie dagpauwoog uit. Ook de atalanta, kleine vos en de gehakkelde aurelia maken gebruik van deze waardplant. Op de natuurweides bij het kasteel kun je de kleine vuurvlinder tegenkomen, hier staat veel veld- en schapenzuring: de waardplanten van deze vlinder.

Afgelopen jaar hadden we een aantal erg grote rupsen op de wortels in onze tuin. Met de app Obsidentify waren deze snel op naam gebracht; de rupsen van de koninginnenpage.

Koninginnepage

Dit is de mooiste en grootste vlinder in Nederland. Normaal is de wilde peen de waardplant van deze vlinder, maar ons wortelloof was blijkbaar niet te weerstaan. Erger is het als de koolwitjes onze boerenkool ontdekt hebben. Afdekken met fijn doek helpt. Alternatieve waardplanten aanbieden, zoals Oost-Indische kers of judaspenning kan ook helpen om de verschillende soorten koolwitjes uit de kool te houden. Minder opvallende vlinders zoals zandoogjes, hooibeestjes en koevinkjes gebruiken verschillende soorten grassen als waardplant. Wegbermen en verloren hoekjes met bloemen en grassen wat langer laten staan, zorgt voor meer vlinders. In Nederland leven maar 53 soorten dagvlinders, die zijn nog een keer te onthouden. De echte geïnteresseerden kunnen ook nog doorgaan met de nachtvlinders. Enkele nachtvlinders zijn overdag actief, zoals de zeldzame kolibrievlinder met het walstro als waardplant. Ook deze vlinders zijn te vinden in de Slangenburg. Van de nachtvlinders zijn er ruim 2.400 soorten in Nederland. Dat zijn erg veel motjes, dus we zijn voorlopig nog niet uitgeleerd.


Modern wonen in cultuurhistorisch pand

Toos Lenderink

Toen in het jaar 2000 het familiebedrijf van Henk en Martha Boeijink gestopt was, wilden zij hun kinderen niet opzadelen met leegstaande gebouwen en vervuilde grond. De toenmalige gemeente Zelhem keurde uiteindelijk plannen goed om van de voormalige maalderij/winkel/bakkerij en alle bijbehorende gebouwen een mooi nieuw geheel te maken. De provincie ging hiermee echter niet akkoord: Er moest getoetst worden aan de cultuurhistorische waarde. Vele tekeningen en voorstellen later leverden het huidige resultaat op: vier woningen waarvan drie met behoud van een aantal originele elementen zoals deze 50 jaar geleden bestonden. Daarnaast een geheel nieuw gebouwde bungalow om het kostenplaatje rond te kunnen krijgen.

Bakkerij

In eerste instantie werd de winkel, die vastzat aan de bakkerij afgebroken. Maar de verkoop van het pand liep niet, mede door de recessie. Bouwbedrijf Rots maakte daarom een ruwbouw aansluitend aan de bakkerij, waarop het opnieuw in de verkoop kwam. Twee jaar geleden, in de eerste week van de corona-uitbraak werd dit door Ronald en Melanie gekocht. Zij bewonen nu de voormalige bakkerij/winkel. Ik mag binnen komen kijken en de oude ovens bewonderen.

Melanie en Ronald komen oorspronkelijk uit Utrecht. Daar woonden ze in De Meern helemaal naar hun zin en met een vrij uitzicht. Tot het daar werd volgebouwd. Het gevolg was een Vinex-wijk met een overvol wegennet er omheen. De constante herrie deed hen besluiten om na hun actieve werkzame leven te kiezen voor het buitengebied van Zelhem. Ze genieten van het coulissenlandschap hier en voelen zich heel erg op hun plaats. Daar heeft de warme ontvangst door de buurt zeker ook aan bijgedragen! 

Ronald was van beroep civiel ingenieur en kan (behalve mooi vertellen) gemakkelijk visualiseren wat de mogelijkheden zijn. Hij heeft de indeling van het pand helemaal veranderd naar eigen wens. In hun keuken nemen de twee ovens met tegeltjes een prominente plaats in. Vanaf 1956 was er niet meer gebakken in deze ovens. Er werd destijds op HBO (huisbrandolie)gestookt en met zand geïsoleerd. De ovens lagen propvol rommel en het was nog een heel karwei om dit allemaal te verwijderen. De geur van de huisbrandolie heeft nog lang rond gehangen, maar wordt steeds minder

.

In de royale en moderne woonkamer van Ronald en Melanie werden vroeger eieren van de boeren opgeslagen. Er stonden soms wel 150 eierkisten. In de zijgevel aan de Garvelinkweg zijn de oude raamkozijnen bewaard gebleven. Deze weg bestond deels uit oude betonblokken die dicht naast het huis lagen. Deze betonblokken zijn hergebruikt om verderop in de tuin het hoogteverschil te markeren. De siertuin is prachtig aangelegd en Melanie heeft ook een moestuin voor haar grote hobby: koken.

Al met al is het helemaal goed gekomen met de voormalige bedrijfsgebouwen op erve Boeyink. Waardevolle industriële onderdelen zijn intact gebleven maar niet ten koste van het woongenot. Alle bewoners zijn tevreden met het resultaat en wonen hier met veel plezier!    


Een historische rondleiding langs het Mullepad met Toon Maas

Bert Verlaan

Op 11 juni 2022 stond er een mooie excursie op het programma. We startten bij het station Gaanderen, waar we onder de vertrouwde en bezielende leiding van Toon Maas op pad gingen. De spoorlijn aan onze rechterkant houdend kwamen we al spoedig aan bij het huis van Will Dorrestein en Emiel Derksen. Een woning uit 1896 van Smits Holterman. Een mooie stek hoor, je kunt er voortreffelijke paling kopen. Er staat een boekenkastje van waaruit je een boekje kunt halen en brengen.

En dan verder, langs de plek waar Gaanderen in het verleden afval stortte, nog steeds te herkennen aan een ‘bult’ in het landschap. Dan, aan de rechterkant het fraaie landhuis Rabelink, waar vroeger boerderij Heisterkamp gestaan had. Uiteindelijk gingen we het Mullepad op, richting spoor. Bij het spoor moesten we naar links, de spoorbaan aanhouden. De spoorwegovergang is verdwenen. In het verleden kon je via die overgang naar de windkorenmolen gaan.

We liepen een stukje door met het spoor aan onze rechterhand. Uiteindelijk bereikte we een volgend punt waar Toon aan de hand van zijn befaamde ‘posters’ vol knipsels en bijzonder fotomateriaal allerhande wetenswaardigheden aan ons presenteerde. We stonden in een nieuw stukje natuur, een kleurrijk ‘tapijt’ van grassen en wilde planten met veel reliëf en schitterend aangelegde plassen. Een en ander tot stand gekomen door de vruchtbare samenwerking van enerzijds de gemeente en anderzijds Buur Natuur.  Je kunt er uitkijken op de weide waar de boerderij van Huitink van ter Gun heeft gestaan, met een schuilkerk van 1720. De plek is nog herkenbaar door de aanwezigheid van een enorme beuk. Het landschap ‘ademt’ verleden!

We liepen weer verder. Wat mij opvalt zijn de prachtige wilde planten, zoveel soorten in allerhande kleuren. Met enige voorzichtigheid moest het gezelschap, dat toch wat ‘op leeftijd’ was, de tunnel door onder het spoor, richting de plek waar de boerderij ‘de watertap’ eens heeft gestaan. Wat fraai, die gekronkelde loop van de Bielheimerbeek! Links het gebied het Halmus, waar in de 15 eeuw al melding van werd gemaakt. Hier staan nog drie oude woningen van diverse families.

Uiteindelijk kwamen we uit bij de plek die van 1851 t/m 1855 diende als begraafplaats. Deze begraafplaats is afgelopen jaar blootgelegd door Marian Muller en haar dochter. Ook historicus Hans de Beukelaar heeft hieraan zijn bijdrage geleverd.. Ze hebben ontdekt dat hier 66 mensen zijn begraven, waaronder pasgeboren kinderen. Als we verder waren doorgelopen dan zouden we op de plek gekomen zijn waar de halte Gaanderen Oosselt tot 1927 in bedrijf is geweest.

Hierna gingen we richting boerderij ‘de watertap’. Hier weer een uitleg van Toon. Deze boerderij is plaats waar Frans Roes gewoond heeft. Hij is hier in 1902 geboren. Hij is overleden in 1974 te Hengelo Gelderland. Frans Roes, bekend onder de pseudonaam Herman van Velzen, schreef voor ‘de Gelderlander’ boeiende verhalen in dialect. Frans Roes was ook zeer vaardig in het schrijven van romans in streektaal.

We zetten onze tocht voort via een mooi stukje rivierduinengebied om uiteindelijk uit te komen bij een informatiebord ter herinnering aan de windkorenmolen die eens het landschap gesierd heeft. In 1875 is de molen naar Gaanderen verplaatst vanuit Arnhem naar de locatie Hogeweg, Watertapweg en Binnenweg. De molen deed dienst als de waterstand bij Veldink laag was. De windkorenmolen werd dan in werking gesteld. O.K.V. Gander en de gemeente Doetinchem plaatsten dit informatiebord. Helaas werd de molen in 1920 door storm en brand verwoest.

Hieronder een plaatje van ons gezelschap bij het informatiebord.

Goed, we waren onderhand toch wel een beetje ‘uitgedroogd’. Gelukkig kwamen we uit bij  B&B de Wandhorst van de familie Veldkamp Geurtsen aan Binnenweg 18, waar we zeer hartelijk werden onthaald met een heerlijke kop koffie en lekkere cake! Even bijpraten, we waren er aan toe!

We zetten ontspannen onze tocht voort naar de vispassage in de Bielheimerbeek. Sinds 2014 zorgt deze ervoor dat er ruimbaan is voor de vissen. Het water stond hoog, zo wordt het vast gehouden om ervoor te zorgen dat de snoek, brasem, baars en voorn goed kunnen gedijen. En dan verder, langs de boerderij Delsink (1844). Nu bewoond door de familie Berkelder Vriezen. Het viel mij op dat er een veld was van bijzondere bloemen. Na enig speurwerk kwam ik er achter dat er sprake was van een bloem die veel nectar oplevert voor de bijen. Vandaar deze plant! We hebben hier te maken met een echte biologische tuin.

Uiteindelijk kwamen we uit bij het monument van Frans Roes, natuurlijk hier een fotomoment. Wat deed die René zijn best om er een mooi plaatje van te maken! Een waardige manier om een bijzondere schrijver te eren. Niet voor niets hebben de gemeente Doetinchem en Gander zich ingespannen om dit monument te realiseren (2002).

Toen de ‘kers op de taart’! Een bezoek aan het huis van de familie van Hal Hendriksen. Een woonboerderij uit 1870, voorheen van de familie Schamp. We werden gastvrij ontvangen. Een bijzondere woning met allerhande rustieke elementen, zoals het antieke vloertje met potscheuren (van gebakken steentjes) en die kamer met op bepaalde hoogtes een overloop waar spullen opgeslagen kunnen worden. Vanuit de woning ‘sloop’ ik nog even de omliggende tuin in. Wat een mooie stek om volledig tot rust te komen!

De zoon van de familie beheert ook een tuin met bijzondere planten voor de verkoop. Daar is het ook goed toeven. Bijzondere planten, ik trof een prachtige plant aan met enorme bladeren en een bijzondere vrucht. En dan die kas waar wij ons konden laven aan een heerlijk stukje fruit. Mooi om te ervaren hoe onze gastheer vol trots de bijzondere tuin aan ons wilde presenteren. Hij kan er met recht trots op zijn.

Kortom, het bezoek aan deze bijzondere woning en tuinen was inderdaad de ‘kers op te taart’ van een heel leerzaam en inspirerend uitje, enthousiast en vakkundig gepresenteerd door Toon Maas. We kijken uit naar een volgend gebeuren!

Bert Verlaan.